Begrippen bij Droogkeuze
De begrippen hieronder horen bij de uitleg op deze site.
warmtepompdroger
Een warmtepompdroger gebruikt een warmtepomp bij het drogen. Het stroomverbruik is lager dan bij een luchtafvoerdroger of een condensdroger zonder warmtepomp.
automatisch programma
Een automatisch programma meet het vocht in het wasgoed en stopt wanneer de gekozen droogte is bereikt. Een tijdprogramma stopt na een vooraf ingestelde duur.
strijkprogramma
Bij een strijkprogramma komt het wasgoed vochtiger uit de droger. Het vraagt minder energie dan verder doordrogen tot extra droog.
condensor
De condensor is een onderdeel van een warmtepompdroger. Vervuiling kan het energieverbruik verhogen; de manier van schoonmaken verschilt per apparaat.
pluizenfilter
Het pluizenfilter vangt pluis uit het wasgoed op. Regelmatig schoonmaken helpt de droger goed te werken; het verwijderde pluis hoort bij het restafval.
was-droogcombinatie
Een was-droogcombinatie wast en droogt in één apparaat. De droogcapaciteit is vaak lager dan de wascapaciteit, waardoor één waslading meerdere droogbeurten kan vragen.